PIV-Bulletin 2012-1, 2012, het jaar van de doorbraak? (C’est le ton, …)

Samenvatting:

[…]

De woorden ‘doorbraak’ en ‘doorbreken’ hebben niet altijd een even gunstige betekenis. Ik wijs maar op de dreigende wateroverlast in het noorden van ons land begin deze maand.

Daarbij ging het om een mogelijke doorbraak van dijken, met alle gevaar van dien.

De term doorbraak heeft echter ook nog een andere – en een veel mooiere – betekenis “het tot de besten gaan behoren, op de voorgrond treden”.

 

Het zou mooi zijn, als in 2012 bij de afwikkeling van letselschade van een dergelijke doorbraak sprake zou zijn. En waarom zou dat niet gebeuren? Er is immers de laatste jaren al zoveel in gang gezet. Dat moet toch op enig moment aan deze doorbraak voeding geven.

Ik denk in de eerste plaats aan de ontwikkelingen op het gebied van het medisch traject.

De door de Vrije Universiteit Amsterdam ontwikkelde medische paragraaf bij de GBL zal voor ons allemaal leidend moeten gaan worden. In december 2011 hebben alle partijen vertegenwoordigd in De Letselschade Raad zich achter deze medische paragraaf geschaard.

Het sleutelwoord daarbij is proportionaliteit en wel op drie gebieden:

         Moet er eigenlijk wel een medisch traject worden gestart?

         En zo ja, welke medische gegevens zijn dan echt nodig?

         En wat mag de medisch adviseur daarover dan communiceren met de schadebehandelaar?

In deze medische paragraaf worden voor al deze vragen goede handvatten gegeven.

 

Een andere interessante ontwikkeling is het werken met één medisch adviseur. In dat kader loopt een aantal pilots die er veelbelovend uitzien.

Waar het vooral om gaat, is het altijd op de loer liggende conflict tussen de betrokken medisch adviseurs tegen te gaan. Met andere woorden: als er dan toch een medisch traject moet komen (wat dus echt geen automatisme moet zijn) dan moet dat pad niet alleen geëffend worden, maar er moet ook een goede bewegwijzering zijn. Ik denk dat ons dat gaat lukken.

 

Zo moet er ook een doorbraak komen in het digitale berichtenverkeer tussen verzekeraars en belangenbehartigers, met als belangrijk onderdeel het door het slachtoffer op zijn eigen pc kunnen inzien hoe het staat met zijn schaderegeling. Ook daarvoor zijn – wellicht nog wat aarzelend, maar toch – in december 2011 in een door het PIV georganiseerde expertmeeting stappen gezet. De in opdracht van het PIV ontwikkelde berichtenstandaard is nog maar het begin. Belangrijk is alle initiatieven op dit gebied zoveel mogelijk op elkaar te laten aansluiten. Ook hier zijn doorbraken nodig. Het PIV zal zijn sturende rol niet uit de weg gaan.

 

Wanneer er een belangenbehartiger is, zijn verzekeraars terughoudend bij het onderhouden van rechtstreekse contacten met het slachtoffer. De interpretatie van bepaalde artikelen in Bedrijfsregeling 15 zou tot deze terughoudendheid aanleiding kunnen geven.

Wanneer het om de inhoudelijke kant van de schaderegeling gaat, is dat natuurlijk een goede zaak en daar zal ook geen verandering in komen. Wanneer het echter gaat om het informeren van een slachtoffer over het te volgen regelingsproces en de daarbij onderliggende stappen, zullen verzekeraars deze terughoudendheid in 2012 wel wat laten varen.

Daar is – nu we naar een zo transparant mogelijk regelingsproces willen streven – niets op tegen. Ik sluit niet uit dat sommige partijen ook hier een doorbraak zien (en dan misschien wel in de ongunstige betekenis van het woord). Dat zou jammer zijn.

De sleutelwoorden voor 2012 zullen communicatie en vertrouwen zijn en de toonzetting een wezenlijke factor.

Het is geen toeval dat het thema voor de PIV Jaarconferentie 2012 luidt “Een andere toon in de letselschaderegeling”.

 

Voor 2012 spreek ik de wens uit dat we als gehele branche op dezelfde toonhoogte komen te zitten. Dat zou pas echt een doorbraak zijn.

 

  • Vaknieuws

  • Mr. F. Theo Kremer, directeur PIV
  • Bron: PIV-bulletin
  • folder PIV-bulletin

Heeft u een account? Vergeet dan niet om in te loggen Inloggen

Website by Webroots

Website by Webroots

hey